5 vragen aan : Maya Bolsens
- jasmien witvrouwen

- 29 jul
- 5 minuten om te lezen
L'Introuvable is een creatief agency dat merken en artiesten door hun eerste groeiplafond heen helpt.
We leggen bij het bouwen van merken maar wat graag de link naar de kunstsector en vice versa.
Voor onze eigen branding is dit niet anders ; lees hier het verhaal van onze samenwerking met Maya Bolsens - en hoe de link met haar installatie "The counter of Becoming" onze studio-identiteit versterkt.

1. Hoe ontstond The Counter of Becoming? En wat was de inspiratie?
The Counter of Becoming is een installatie in de vorm van een fictieve toonbank met
keramische petten ( Artist, Mother, Observer, Survivor, Wanderer…) waar je als het ware een
identiteit kan ‘shoppen’.
Ze verwijzen naar de verschillende rollen die we in ons leven aannemen, soms bewust, soms
bijna ongemerkt. De installatie nodigt uit om stil te staan bij hoe identiteit voortdurend in
beweging is en hoe we onszelf telkens opnieuw uitvinden.
Het idee is eigenlijk heel organisch ontstaan. Toen ik vroeger als styliste werkte, zeiden we
vaak tegen elkaar: "Nu moeten we onze stylistenpet weer opzetten." Dat was een uitdrukking
die we heel vanzelfsprekend gebruikten. Later, tijdens mijn opleiding keramiek, merkte ik dat
ik hetzelfde tegen mezelf zei voor een jury: "Nu moet ik mijn artiestenpet opzetten."
De eerste keramische pet die ik maakte droeg dan ook het woord Artist. Van daaruit is het
idee langzaam gegroeid tot een hele installatie.
Het impostergevoel speelde daar zeker ook een rol in. Vroeger bleef ik daar veel meer in
hangen en vroeg ik me vaak af of ik ‘hier’ wel thuishoorde. Dat gevoel heb ik vandaag nog af
en toe maar ik ga er veel bewuster mee om.
Ik stel mezelf nog altijd de vraag: heeft de wereld mijn werk nodig? Ik weet het niet. En
misschien is er ook geen antwoord op die vraag nodig. Misschien is het net die twijfel die me
nieuwsgierig houdt, me energie geeft en ervoor zorgt dat ik telkens opnieuw zin heb om iets te
maken, eerder dan iets te willen bereiken.
Met de petten ben ik voor het eerst veel explicieter figuratief gaan werken. Tegelijk heb ik desokkels en de omgeving bewust abstract en organisch gehouden. Die spanning tussen het
herkenbare en het meer intuïtieve voelt voor mij als een natuurlijke voortzetting van mijn
beeldtaal.
2. Wat doet het met jou als kunstenaar als iemand of een merk jouw werk een andere betekenis geeft?
Ik vind dat eigenlijk heel interessant. Op het moment dat een werk de studio verlaat begint het een eigen leven te leiden. Mensen lezen er hun eigen ervaringen in en dat maakt een
kunstwerk rijker dan wanneer er maar één juiste interpretatie zou bestaan.
Soms denk je als kunstenaar dat je heel alleen met een bepaald thema bezig bent maar
wanneer je het dan de wereld instuurt of wanneer iemand anders er spontaan een gelijkaardigebetekenis in ziet, besef je dat je deel uitmaakt van een grotere beweging. Dat vind ik misschien wel het mooiste aan zo'n samenwerking. En aan creëren tout court.
Een werk moet niet beschermd worden tegen de wereld; het mag erin rondlopen, nieuwe
verbindingen aangaan en een eigen leven leiden De intentie waarmee ik het maak blijft van
mij maar de betekenis groeit verder in de ontmoeting met anderen.
Misschien is het een beetje zoals kinderen: je voedt ze op maar uiteindelijk hoop je vooral dat ze hun eigen weg vinden.

3. Wat vind je interessant aan samenwerken met L'Introuvable? Wat vind je het sterkste
punt van de studio?
Wat me aanspreekt aan L'Introuvable, is dat ze voor mijn gevoel niet vertrekken vanuit een
standaardoplossing, maar eerst proberen te begrijpen wie iemand of een merk werkelijk is. Ze
kijken verder dan alleen een visuele stijl of een logo. Dat sluit heel mooi aan bij The Counter of Becoming, waar identiteit ook nooit als iets vaststaand wordt gezien, maar als iets dat voortdurend evolueert en telkens opnieuw vorm krijgt.
Wat ik zo mooi vond aan deze samenwerking, is dat de petten hun eigen identiteit behielden,
ook al kwamen ze in een andere context terecht. Dat gaf mij het gevoel dat de essentie van het
werk overeind bleef. Dat is ook de reden waarom ik graag zulke samenwerkingen aanga. Ze moeten inhoudelijk juist aanvoelen. Als mijn werk plots iets zou moeten vertegenwoordigen dat helemaal niet aansluit bij waar het voor staat, zou ik me daar minder comfortabel bij voelen. Maar wanneer een samenwerking de betekenis van het werk niet vervormt, maar net verrijkt, voelt dat voor mij heel natuurlijk aan.

4. Zie je zulke samenwerkingen als een onderdeel van je kunstpraktijk? Of zijn het twee parallelle universums voor jou die als overlapping jouw signatuur dragen?
Voor mij zijn dat geen aparte werelden. Ik leef, ik maak dingen, ik ontmoet mensen, ik werk
samen. Dat loopt allemaal door elkaar. Ik vind het moeilijk, en ook niet nodig, om daar een
grens tussen te trekken. Die vakjesdrang zie ik wel vaker opduiken. Wie met keramiek werkt, belandt al snel in het hokje van ‘het ambacht'. Dat woord wordt soms nog gebruikt alsof het een beperking is, alsof een gebruiksvoorwerp geen kunst kan zijn.
Ook samenwerkingen worden soms gezien als iets wat je beter loshoudt van je artistieke
praktijk. Voor mij bestaat die scheiding dus niet. Alles wat ik maak, of dat nu een sculptuur is, een functioneel object of een samenwerking met iemand, vertrekt vanuit dezelfde intentie.
Het is voor mij dus geen verzameling parallelle universums, maar één doorlopende praktijk
waarin al die verschillende vormen elkaar voeden.
5. Wat zijn de plannen voor de toekomst?
Simpel: Vooral veel in mijn atelier zitten en creëren. Ik ben onlangs verhuisd van mijn kleine
kelderatelier thuis naar een groter atelier waar ik samen met Tom Volkaert, Sacha Krinstinsky
en Alec Dhondt ‘Galler Collective’ vorm. (nieuw kunstenaarscollectief in het voormlige
Galler gebouw op de Italiëlei in Antwerpen) Dat voelt als een nieuw hoofdstuk waar ik enorm naar uitkijk. Het voelt inspirerend om naast mijn eigen praktijk ook een plek mee uit te bouwen waar kunstenaars elkaar kunnen ontmoeten, uitdagen en versterken.
Verder droom ik, soms groots… Alleen probeer ik ervoor te zorgen dat die dromen het plezier
van het maken zelf niet overschaduwen. Dat vind ik soms een uitdaging, zeker in een wereld
waarin alles groter, sneller en zichtbaarder lijkt te moeten zijn. Daar wil ik me toch een beetje tegen verzetten... of op zijn minst bewust van zijn.

“Ik was meteen gefascineerd door Maya’s installatie ‘The Counter of Becoming’ die identiteit onderzoekt als iets dat we voortdurend vormgeven en hervormen, en die aanzet tot nadenken over de rollen die we vervullen. Maya kaart in deze installatie ook de stille aanwezigheid van het impostorsyndroom aan, wat in dit proces steeds op de loer ligt. Wat Maya met deze installatie vangt, is exact datgene wat L’introuvable ontrafelt.” (-Jasmien)
Op onze website illustreren Maya’s keramieken petten de diensten die L’introuvable aanbiedt om jouw identiteit als merk of kunstenaar te vormen en te vertalen naar de buitenwereld. De stappen die nodig zijn om een nieuw doelpubliek te bereiken en je bekendheid te vergroten. Als kers op de taart van onze samenwerking creëerde Maya voor L’Introuvable een leuke reeks broches die gebaseerd zijn op de keramieken petten die onze diensten illustreren. Speel erop los met deze leuke broches, en creëer in de geest van ‘The Counter of Becoming’ je eigen persona.




Opmerkingen